Feed-aggregator
TikTok Shop VK: +250% groei bij Boeken in een jaar
De boekencategorie bij TikTok Shop is in Engeland meer dan verdrievoudigd in een jaar tijd. Dagelijks vinden er zesduizend liveshopping-sessies plaats. Alle grote uitgevers hebben een verkoopstrategie op de video-app.
Naar eigen zeggen is TikTok Shop zelfs de nummer drie boekenverkoper van het land, maar die claim is lastig te staven. Niettemin profiteert de videoa-app sterk van de sociale component rondom lezen die je vroeger misschien vooral in boekleesclubjes zag.
Al jaren bestaat het verschijnsel BookTok. Dat is een soort subcultuur waar boeken- en leesfans op TikTok hun ervaringen delen. De Britse vaktitel Retail Times koppelt de verkoopsuccessen op Shop aan de combinatie van #booktok met de nieuwe transactionele component in de app. Vanuit een social posting gooiot de kijker direct een boek in een winkelmandje en dan naar de checkout. Kopen is erg laagdrempelig.
Alle vier de grootste Britse uitgevers verkopen nu via TikTok Shop: Penguin Random House, Hachette, HarperCollins en Pan Macmillan.
Inspelend op het sentiment hostten TikTok Shop en de British Library vorige week in de avonduren het event “BookTok Late” in de British Library. In Nederlandse boekwinkels worden vergelijkbare events georganiseerd, maar dan zonder actieve betrokkenheid van het videoplatform zelf. Boekwinkels hebben ook aparte #booktok-schappen. Daar staat de TikTok-famous titels keurig op shoppable rijtje.
KU Leuven-onderzoekers leggen verborgen privacyrisico’s van cryptowallets bloot
Onderzoekers van DistriNet, de onderzoeksgroep computerbeveiliging van KU Leuven, hebben verborgen privacyrisico’s ontdekt in populaire cryptowallets die als browserextensie worden gebruikt.
Ze analyseerden 85 veelgebruikte Chrome-wallets, samen goed voor ongeveer 35 miljoen gebruikers wereldwijd. Uit het onderzoek blijkt dat sommige wallets cryptoadressen aan elkaar kunnen linken, gebruikers herkenbaar maken nadat ze denken te zijn uitgelogd, en in bepaalde gevallen zelfs gewone surfactiviteit kunnen koppelen aan iemands cryptovermogen.
Wie cryptomunten gebruikt, doet dat vaak via een digitale wallet: een soort sleutelbos waarmee je toegang krijgt tot je cryptorekeningen en Web3-toepassingen. Zulke toepassingen laten gebruikers bijvoorbeeld cryptomunten verhandelen, lenen of inzetten op online markten. Veel gebruikers gaan ervan uit dat ze daarbij anoniem blijven, omdat een blockchainadres eruitziet als een willekeurige reeks tekens en niet als een naam of e-mailadres. Maar net daar wringt het schoentje.
De onderzoekers tonen aan dat de software waarmee gebruikers zich aanmelden bij Web3-toepassingen zelf informatie kan prijsgeven. Een wallet kan bijvoorbeeld verschillende adressen van dezelfde gebruiker in één patroon zichtbaar maken. Daardoor kunnen adressen die bedoeld waren om gescheiden te blijven, toch aan één persoon worden gekoppeld. In de studie vertoonden 17 wallets zulke signalen, samen goed voor ongeveer 23 miljoen gebruikers.
Een tweede probleem is dat uitloggen of disconnect niet altijd betekent dat de toegang echt is ingetrokken. Bij 22 van de 36 onderzochte Ethereum-compatibele wallets bleef een toestemming bestaan, zelfs nadat een Web3-app vroeg om die te verwijderen. Zo kan een website of script een gebruiker later opnieuw herkennen, ook na het wissen van cookies of het herstarten van de browser.
Het meest gevoelige risico ontstaat wanneer trackers die informatie gebruiken buiten Web3-sites. In 23 van de 36 onderzochte Ethereum-compatibele wallets konden verborgen pagina’s of ingebedde vensters walletinformatie opvragen. Dat kan ervoor zorgen dat een tracker gewone surfactiviteit — bijvoorbeeld nieuws lezen of online winkelen — koppelt aan cryptoadressen. Als een van die websites ook een naam of e-mailadres kent, kan een pseudoniem cryptoprofiel plots aan een echte persoon worden verbonden.
De gevolgen kunnen verder gaan dan online tracking. Omdat transacties en saldi op publieke blockchains zichtbaar blijven, kan een gelekt walletadres veel prijsgeven over iemands financiële activiteit. Dat maakt gebruikers kwetsbaarder voor gerichte phishing, oplichting, afpersing of in extreme gevallen zelfs fysieke bedreiging.
De onderzoekers gingen verantwoordelijk om met hun bevindingen en lichtten betrokken walletontwikkelaars in vóór publicatie. Bij een hertest in februari 2026 hadden Coinbase Wallet en Coin98 het onderzochte probleem al opgelost; ook Hana Wallet loste het later op. Andere grote spelers, waaronder MetaMask, OKX, Trust Wallet, Rabby Wallet, Binance Wallet en Bybit Wallet, reageerden via hun bug-bountyprogramma’s.
Gebruikers kunnen hun risico verkleinen door oude toestemmingen handmatig te verwijderen in de walletinstellingen, bijvoorbeeld onder Connected Sites of Permissions. Ook helpt het om verschillende activiteiten niet telkens met dezelfde wallet of hetzelfde browserprofiel te combineren. Toch benadrukken de onderzoekers dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij gebruikers mag liggen: walletontwikkelaars en Web3-platformen moeten privacy beter inbouwen in hun ontwerp.
De onderzoekers hebben ook een interactieve tool ontwikkeld waarmee gebruikers kunnen testen of hun eigen wallet wordt getroffen door beide privacyrisico’s: zowel de toestemming die blijft bestaan nadat de wallet is losgekoppeld, als het lekken van het walletadres via trackers op gewone websites. De tool draait volledig in de browser van de gebruiker en slaat geen gegevens op.
Grote Europese techbedrijven voegen digitaal mediabereik samen
Een aantal Europese media-eigenaren, data- en telecombedrijven, detailhandelaren en marketplaces voegt zijn mediabereik samen. Die grote poule moet een aantrekkelijk niet-Amerikaans aanbod vormen voor adverteerders.
De oprichters van de European Media Marketplace zijn onder meer T Advertising Solutions (onderdeel van Deutsche Telekom), Equativ, Experian, lastminute.com, leboncoin en Kleinanzeigen (onderdeel van Adevinta), Orange Advertising (Orange France), Vinted, Virgin Media O2 en Vodafone.
Het gezamenlijke mediabereik wordt in de aankondiging niet als één exact totaalcijfer vermeld. Wel spreken ze over “200+ benaderbare publieksgroepen op grond van locatie, demografie, gedrag en transactiegeschiedenis.”
Het platform gaat in de eerste fase live in het VK, Frankrijk, Duitsland, Spanje en Italië. Advertentieruimte komt beschikbaar via televisie (CTV), online video, display, native en retailmedia. In totaal zou het gaan om meer dan tienduizend websites en apps en zestig miljoen huishoudens met televisie via internet.
European Media Marketplace lijkt open te staan voor toetreders uit andere landen en domeinen.
Het echte grote verschil met Amerikaanse techbedrijven maakt deze groep niet zozeer met hun gebundelde bereik. De adverteerder is vooral op zoek naar één ingang waar hij al zijn reclameformaten kwijt kan, tegen een scherpe prijs, en waarbij hij goed zicht heeft op het rendement uit die media-investering.
Satya Vinnakota, hoofd Reclame bij Vinted, licht op LinkedIn toe: “Gebouwd op soevereine technologie, pakt dit uniforme initiatief het gefragmenteerde medialandschap van Europa direct aan en biedt adverteerders een schaalbaar, transparant alternatief voor traditionele gesloten ecosystemen. Door enorme schaalbaarheid, naadloze omnichannel-activering en maximale efficiëntie te bieden, levert het platform een krachtige nieuwe oplossing die is gebouwd op een strikte, privacygerichte basis.”
Foto: Maxim Hopman / Unsplash
Nvidia stapt in Parijse start-up voor real-time voice
De Parijse AI-startup Gradium heeft 100 miljoen dollar vers geld opgehaald. Chipfabrikant Nvidia stapt in, waar Eric Schmidt en Yann LeCun eerder al vertrouwen met hun portemonnee uitspraken.
Gradium is slechts zeven maanden oud en ontstond als commerciële spin-off van Kyutai, het non-profitonderzoekslab dat door Xavier Niel in Parijs is opgericht als bolwerk voor Europese AI-onafhankelijkheid.
Strategische, vroege investeerders van naam zijn een teken van vertrouwen in de technologie. Die is ontwikkeld door oud-medewerkers van Google Deepmind en Meta. Nvidia doet mee omdat het een rol voor de Fransen ziet weggelegd op het internationale toneel, maar wel schaal en toegang tot trainingschips nodig heeft.
Gradium wordt actief gebruikt bij gaming (e-sportscommentaar), callcenters, e-learning, gezondheidszorg en robotica.
In juni introduceerde het producten die direct met ElevenLabs, de Amerikaanse concurrent, concurreren. Een real-time vertaaldienst (Translate) ondersteunt vijf taalcombinaties en werkt zonder internetverbinding. Geen Nederlands. Een tekstgesproken-model (Phonon) draait op de telefoon zelf. Gebruikers hoeven geen cloudserver aan te roepen. Ook lanceerde het bedrijf integratie met AWS SageMaker, wat bedrijven helpt deze stemmodellen in hun eigen systemen in te zetten.
Wat Gradium ook onderscheidt, is dat het agressief benchmarks publiceert en goedkoper is dan ElevenLabs. Het laat de cijfers voor zich spreken.
ElevenLabs haalde begin dit jaar 500 miljoen dollar op in een Series D-ronde, tegen een waardering van elf miljard dollar.
Foto: Daniel Sandvik / Unsplash
Nederlandse videokijktijd daalt naar 295 minuten per dag, jongvolwassenen lopen voorop
Nederlandse consumenten keken in het eerste kwartaal van 2026 gemiddeld 295 minuten per dag naar video, tegen 323 minuten een jaar eerder. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Telecompaper. De daling van bijna een half uur per dag is een van de duidelijkste verschuivingen in kijkgedrag van de afgelopen jaren. Ze gaat in tegen de aanname dat een steeds groter aanbod aan streamingcontent de kijktijd vanzelf blijft opstuwen.
De afname was overigens niet gelijk verdeeld. Vooral consumenten van 25 tot 34 jaar keken minder, juist de groep die het sterkst geassocieerd wordt met on-demand en online video. Hun daling in dagelijkse kijktijd was de grootste van alle leeftijdsgroepen en kwam vooral door minder SVOD- en onlinevideogebruik, niet door minder traditionele televisie. De groep die platforms lang als hun kernpubliek behandelden, kijkt voorlopig minder.
Aan de andere kant van het spectrum blijft video stevig verweven met het dagelijks leven. Consumenten van 68 jaar en ouder besteden nog altijd meer dan zes uur per dag aan videocontent, ruim boven het marktgemiddelde, en live tv domineert hun kijkgedrag. Zo ontstaat een groeiende kloof tussen een jongere groep die het rustiger aan doet en een oudere groep waarvan de gewoonten nauwelijks veranderen. Voor omroepen, adverteerders en streamingdiensten die willen inschatten waar de aandacht over vijf jaar ligt, is die tweedeling het eigenlijke verhaal achter het cijfer.
De daling in kijktijd valt samen met een bredere verzwakking in hoe Nederlandse consumenten hun streamingdiensten beoordelen. Bij de grote platforms ging de Net Promoter Score op jaarbasis omlaag. Dat wijst erop dat het enthousiasme dat de streamingboom aanjoeg afkoelt, terwijl het aantal abonnementen overeind blijft. Netflix blijft met 51 procent penetratie de duidelijke marktleider en fungeert nog steeds als ankerdienst waar de meeste huishoudens hun overige abonnementen omheen bouwen. Videoland verstevigde zijn positie als grootste lokale uitdager. Toch verhult de stabiele penetratie een voorzichtiger stemming onder abonnees.
Eén categorie ging tegen de trend in. Sportgerichte content was de sterkste stijger in de tevredenheidsranglijst. Dat laat zien hoe live sport een belangrijke reden is geworden waarom consumenten hun abonnementen en add-ons waarderen. Het contrast tussen dalende waardering voor mainstreamentertainment en stijgende waardering voor sport laat zien waar aanbieders hun volgende groei kunnen vinden. Het volledige rapport zet precies uiteen welke diensten wonnen en welke terrein verloren.
De penetratie van reguliere tv-abonnementen zakte naar 79 procent en het aandeel consumenten dat nooit een traditioneel abonnement had, steeg verder. Toch zegt driekwart van de huidige abonnees niet te verwachten op te zeggen, waarbij gezinnen en lagere inkomens het meest honkvast zijn. Interactieve functies zoals catch-up tv winnen nog altijd gebruikers, vooral onder oudere en hogere inkomens. Streaming en traditionele tv staan steeds vaker naast elkaar in plaats van te concurreren om dezelfde uren.
Dat de tv markt in beweging is, blijkt ook uit een ander onderzoek van Telecompapewr In de eerste drie maanden van 2026 zegden per saldo 33.000 Nederlandse huishoudens hun tv-abonnement op. De teller bleef steken op 6,38 miljoen, 115 duizend minder dan een jaar eerder. De omzet uit consumenten-tv-diensten daalde 1,1 procent op jaarbasis naar 431,1 miljoen euro. Het klantverlies weegt zwaarder dan de jaarlijkse prijsstijgingen.
Net als voorgaande kwartalen is glasvezel de enige technologie die er netto tv-abonnees bij krijgt. Het marktaandeel van glasvezel in de consumenten-tv-markt groeide in de afgelopen twaalf maanden van 34,4 naar 39 procent. Tv via de kabel is met een langzaam krimpend aandeel van 45,6 procent nog steeds het gebruikelijkst. De krimp vertraagt wel, waardoor het nog wel even duurt voordat glasvezel coax inhaalt. Volgens de forecast gebeurt dit in de loop van 2027.
De technologie die wel snel krimpt, is dsl. Het marktaandeel daarvan kromp in twaalf maanden van bijna 16 naar 12,3 procent. Tv via de satelliet schommelt telkens iets boven de 2 procent.
VodafoneZiggo marktleider, KPN stabiel, aandeel van Odido en Delta Fiber groeit
VodafoneZiggo bleef met 44 procent marktleider naar klantenaantal, hoewel dit aantal ook in het eerste kwartaal van 2026 kromp. Het klantverlies werd voor het vijfde kwartaal op rij wel kleiner. KPN hield zijn positie als tweede aanbieder vast met een stabiel marktaandeel van ruim 34 procent. En hoewel Odido er in het eerste kwartaal netto geen nieuwe tv-abonnees bij kreeg, steeg zijn marktaandeel licht naar bijna 8 procent, gevolgd door Delta Fiber (6,6%).
Ook naar omzet is VodafoneZiggo marktleider. Ruim 49 procent van de omzet in de markt komt toe aan het Utrechtse bedrijf. KPN’s marktaandeel naar omzet schommelt al meerdere kwartalen rond de 32,5 procent. Het aandeel van Delta Fiber (ruim 7%) en dat van Odido (ruim 5%) groeien elk kwartaal licht.
Europese adverteerders besteedden 131 miljard aan internetreclame (+11%)
De grootste stijging in jaren van online reclamebudgetten rapporteert IAB Europe over het jaar 2025. Adverteerders gaven 131,1 miljard euro uit, waarvan een kwart naar socialmedia ging.
Dat komt naar voren in de jongste marktcijfers van IAB Europe in het jaarlijkse AdEx-rapport. Die werden dinsdag gepresenteerd in Londen.
In Nederland gaven adverteerders 4,8 miljard euro uit aan digitale reclame (+9,9%). Daarvan ging 2,3 miljard naar search (+9,8%) en 1,1 miljard euro naar display ads, waarvan 57% naar video. Video is de grootste stijger, ook op Europa-niveau.
Audio groeide in Nederland met 7,9 procent waar de meeste andere van de 31 onderzochte landen dubbele groeicijfers noteren.
Internationaal gezien ging er 1,2 miljard euro naar audio (+13,9%), waarvan 539 naar podcasts (+16,7%).
IAB Europe doet bewust geen formele outlook voor 2026, maar algemeen gesproken verwacht hoofdeconoom Daniel Knapp minder dan tien procent groei. Hij verwacht verdere polarisatie tussen winnaars social video, abonnee-video, retailmedia en MKB-gedreven platformen (typisch Google en Meta) enerzijds en standaard display als verliezer anderzijds.
Voor de tweede keer rapporteert het IAB naast Search, Display en Classifieds ook de categorieën socialmedia en retailmedia apart.
Uitgaven aan social advertising groeiden afgelopen jaar met 19,2 procent tot 35,5 miljard, bij retailmedia 16,7 procent tot 13,3 miljard. Enkel de categorie video noteerde met 19,6 procent een sterkere groei. Dat komt deels door, wat heet, reclame op connected-tv. Dat speelt in Nederland geen grote rol. De teller stond eind 2025 op 34 miljard euro ontvangen budget, iets minder dan het totaal aan social advertising.
Digitale euro stap dichterbij
Het Europees Parlement heeft opnieuw een stap gezet richting de invoering van de digitale euro. Een meerderheid van de bevoegde parlementaire commissie heeft ingestemd met het voorstel, waardoor de onderhandelingen met de EU-lidstaten over de definitieve wetgeving van start kunnen gaan.
De digitale euro is een digitale variant van contant geld die wordt uitgegeven door de Europese Centrale Bank (ECB). Het nieuwe betaalmiddel is bedoeld als aanvulling op bestaande betaalmogelijkheden, zoals bankrekeningen en contant geld, en niet als vervanging daarvan. Consumenten behouden de vrijheid om zelf te bepalen hoe zij willen betalen.
Volgens de huidige plannen kan de digitale euro zowel online als offline worden gebruikt. Bij offline betalingen worden transacties rechtstreeks tussen apparaten verwerkt, wat de privacy van gebruikers beter moet beschermen. Daarnaast wil de Europese Unie met de digitale euro de afhankelijkheid van buitenlandse betaalnetwerken, zoals Visa en Mastercard, verkleinen en de Europese betaalinfrastructuur versterken.
Om privacyzorgen weg te nemen, zijn verschillende waarborgen opgenomen in het voorstel. Zo kunnen overheden en de ECB niet volgen waaraan mensen hun digitale euro’s uitgeven. Ook geldt er een maximumbedrag dat gebruikers mogen aanhouden en wordt er geen rente uitgekeerd over het digitale tegoed.
De invoering van de digitale euro is daarmee nog niet definitief. Voordat het betaalmiddel werkelijkheid wordt, moeten de Europese Commissie, het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie overeenstemming bereiken over de definitieve wetgeving. Als het verdere wetgevingsproces volgens planning verloopt, kan de digitale euro op zijn vroegst rond 2029 worden ingevoerd.
‘AI-modellen vergroten urgentie cyberweerbaarheid’
Geavanceerde AI-modellen dreigen het cyberdreigingslandschap ingrijpend te veranderen. Dat stelt het Financieel Stabiliteitscomité (FSC). Deze modellen bieden kansen, maar kunnen er ook toe leiden dat (bestaande) kwetsbaarheden sneller, goedkoper en op grotere schaal worden misbruikt.
Via ketenafhankelijkheden, concentratierisico’s en afhankelijkheid van kritieke derde partijen kan dit ook het financiële stelsel als geheel raken. Daarbij speelt ook de afhankelijkheid van niet‑Europese technologie en digitale infrastructuur een rol, wat het belang van versterking van de Europese digitale autonomie onderstreept.
Het is belangrijk, stelt de organisatie, dat financiële instellingen hun risicobeheer aanpassen aan AI-gedreven cyberrisico’s, onder meer door kwetsbaarheden eerder te identificeren en sneller te verhelpen. Snel herstel kan betekenen dat instellingen bepaalde systemen of diensten tijdelijk moeten beperken of stilleggen. Daarom moet vooraf duidelijk zijn hoe deze keuze zich verhoudt tot bestaande eisen en verwachtingen over de continue beschikbaarheid van financiële diensten.
Het FSC onderschrijft de hoge urgentie van dit risico en verwelkomt de waarschuwing van de ESRB en AFM die soortgelijke bevindingen en adviezen geven. Verbeterde cyberweerbaarheid vraagt niet alleen om meer geld, maar ook om betere samenwerking, coördinatie en informatie-uitwisseling. Het is van belang dat nationale en Europese coördinatie- en crisisstructuren daar voldoende op zijn ingericht en dat instellingen en autoriteiten informatie delen, zowel binnen de financiële sector als tussen de financiële sector en andere vitale sectoren in de economie. Financiële stabiliteit hangt immers ook af van de cyberweerbaarheid van bijvoorbeeld de energie- of telecomsector.
Koers SpaceX onder de openingskoers
De aandelenkoers van techbedrijf SpaceX is voor het eerst onder de openingskoers van 150 dollar geëindigd.
Zonder noemenswaardige veranderingen in de markt of bij het bedrijf zelf daalt de koers van SpaceX na een initiële roes onder beleggers. Gisteren doorbrak deze een eerste psychologische grens, de openingskoers.
Openingsindicatoren wijzen er wel op dat een belegger vanmiddag, bij opening van de beurs in New York al weer iets meer voor een stuk moet betalen.
De eigenaar van xAI en X.com ging vorige maand naar de beurs en haalde daar 86 miljard dollar mee op. In de dagen na de beursgang tikte de koers nog even 225 dollar aan.
SpaceX stelde de uitgiftekoers vast op 135 dollar per aandeel. Dat is een tweede psychologische grens.
De uitgiftekoers is de prijs waartegen het aandeel aan beleggers wordt verkocht. De openingskoers is de prijs waartegen het aandeel voor het eerst op de beurs verhandelt nadat de handel start. Die koers komt tot stand door vraag en aanbod in de markt.
Op 16 juni kondigde SpaceX aan om het bedrijf Cursor te kopen. Daarvoor betaalt het zestig miljard dollar met een aandelenruil. Met de nieuw aangekochte technologie wil SpaceX zijn AI-suite verbeteren, zowel beter modellen trainen als een beter positie innemen in de markt onder van softwareschrijvers. Het eerste element levert de financiële rechtvaardiging. Met Cursor kan SpaceXAI goedkoper zijn AI’s bouwen.
China opent in 2027 volledig door robots gerund hotel
China zet een nieuwe stap in de automatisering van de hotelsector. Technologiebedrijf Pudu Robotics heeft aangekondigd in 2027 het eerste hotel te openen waar vrijwel alle dienstverlening door robots wordt uitgevoerd. Proefkamers en testdiensten moeten al eind 2026 beschikbaar zijn.
Het hotel verrijst op West Artificial Island, onderdeel van de Shenzhen-Zhongshan Link in de provincie Guangdong. Het luxe hotel krijgt 44 kamers, een restaurant, een fitnessruimte en diverse andere voorzieningen. Van inchecken en bagagevervoer tot schoonmaak, roomservice en gastenondersteuning: vrijwel alle werkzaamheden worden uitgevoerd door autonome robots die samenwerken via één AI-platform.
Gasten kunnen straks zelfstandig inchecken bij een robotreceptie, bagage laten bezorgen door een robot en via hun smartphone eten en drinken bestellen. Ook de schoonmaak wordt geautomatiseerd. Speciale robots controleren kamers op afval en verzorgen het onderhoud met behulp van kunstmatige intelligentie.
Voor de verschillende taken zet Pudu Robotics meerdere gespecialiseerde robots in. Zo verzorgt FlashBot de bezorging van drankjes, transporteert de PUDU T300 bagage en nemen de CC1 Pro en MT1 de schoonmaak voor hun rekening. Alle systemen worden aangestuurd via PuduFM 1.0 en het beheersysteem PuduAgent.
Volgens Pudu Robotics is het hotel niet alleen bedoeld als innovatieve accommodatie, maar ook als testlocatie voor de verdere ontwikkeling van AI en robotica in de hospitalitysector. Shenzhen wil West Artificial Island de komende jaren ontwikkelen tot een internationaal centrum voor robotica en slimme toerismetoepassingen.
Duits e-commerce groeit, Chinezen duwen lokale verkopers in het nauw
Duits e-commerce groeide in het tweede kwartaal met 5,1 procent tot 20,1 miljard euro. Marktplaatsen winnen, de klassieke online retailer staat stevig onder druk.
Een blik op de nieuwe marktcijfers van belangenorganisatie BEVH laat dit nijpende beeld zien.
De omzet van marktplaatsen groeit met 6,4 procent tot 11,5 miljard omzet over het halve jaar, direct-to-consumer werkende fabrikanten plussen 6,3 procent, maar pure players (+3,8%) en multichannel retailers (+2,5%) ondergemiddelde groei.
Anders gezegd: winkels met een eigen shop, puur online of multichannel, groeien dus structureel langzamer dan de markt en verliezen aandeel.
Er is een knijpbeweging van twee kanten. Marktplaatsen pakken het volume, fabrikanten pakken de directe klantrelatie en de retailer vangt de klappen op.
De marktplaatsgroei van 6,4 procent wordt sterk aangejaagd door Temu, Shein en AliExpress. Die zijn goed voor 5,3 procent van alle orders, een op de twintig uitgegeven euro’s rollen nar China.
Belangenorganisatie verwacht overigens niet bijster veel effect van de nieuwe douaneheffing van drie euro per pakketje tot 150 euro.
BEVH deelt ook zijn eerste inzichten over AI-shopping.
AI wordt voornamelijk gebruikt bij de voorbereiding van aankopen, niet bij betaling zelf. Ruim 31 procent vraagt chatbots regelmatig om productaanbevelingen. Slechts negen procent zou AI autonome aankopen laten doen
H&M: 30 procent omzet vindt online plaats
H&M Group meldt dat iets meer dan 30 procent van de totale verkoop nu online plaatsvindt. De verhouding offline versus online is al kwartalen stabiel.
Dat komt naar voren in de jongste kwartaalcijfers van de modegroep uit Zweden.
Over de drie maanden tot 1 juni boekte H&M Group een omzet van vijf miljard euro. Dat is de een daling van drie procent. Gekeken naar de afgelopen zes maanden is er sprake van een daling van zeven procent.
De daling is volgens H&M grotendeels te wijten aan de sterke Zweedse kroon. Buitenlandse omzet verliest aan boekwaarde bij omrekening naar kronen. Daarnaast kromp het winkelbestand met drie procent ten opzichte van vorig jaar. Bovendien, stelt ceo Daniel Ervér, stonden klanten soms voor een leeg schappen door strakker voorraadbeheer.
In de tweede helft van dit jaar start H&M met de upgrade van de digitale infrastructuur. Volgens Ervér moet dit voor betere besluitvorming, snellere processen en meer precisie bij het plannen van assortiment en voorraad. Fysieke en digitale winkels vormen in 2026 dan ook de grootste investeringspost van het concern.
Investeringen Nederlandse start-ups stijgen stevig door
In het tweede kwartaal van 2026 is er in Nederlandse startups en scale-ups circa 1,3 miljard euro geïnvesteerd, een stijging van 81,2 procent ten opzichte van het tweede kwartaal van 2025, toen er circa 716 miljoen werd geïnvesteerd. Dit blijkt uit de laatste editie van het Quarterly Startup Report, een driemaandelijkse data-analyse van Dealroom.co, Golden Egg Check, KPMG, Invest-NL, de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s), Dutch Private Equity & Venture Capital Association (NVP) en Techleap onder leiding van Dutch Startup Association (dSa).
Vergeleken met het eerste kwartaal van 2026, waarin circa 981 miljoen euro werd geïnvesteerd, is sprake van een stijging van 32,2 procent. Op basis van schattingen voor niet-gepubliceerde bedragen komt het totaal voor het tweede kwartaal 2026 uit op circa 1,33 miljard.
Voor het tweede kwartaal op rij is er sprake van ongeveer een miljard euro of meer aan investeringen in Nederlandse startups en scale-ups. Het kwartaal werd vooral gedragen door drie grote rondes van meer dan 100 miljoen euro: Nearfield, General Intuition en QuantWare. Met circa 1,33 miljard is het tweede kwartaal 2026 het op twee na hoogste kwartaal ooit; het hoogst buiten de piekkwartalen van COVID om.
Het beeld past bij de trend die sinds de tweede helft van 2025 zichtbaar is: het geïnvesteerde bedrag ligt duidelijk hoger dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder, maar wordt sterk bepaald door een beperkt aantal zeer grote rondes.
In het eerste half jaar van 2026 werd al ongeveer 2,3 miljard euro opgehaald. Dat is slechts 200 miljoen minder dan 2025 in totaal (2,5 miljard euro), maar al meer dan 2024 totaal (2,3 miljard euro).
Ten opzichte van het tweede kwartaal van 2025 is het aandeel in aantal pre-seed-deals (minder dan 1 miljoen euro) sterk afgenomen: van 25,3 procent in Q2 2025 naar 12,1 procent in Q2 2026, van 20 naar zeven deals, waarmee ook in absolute zin het aantal in vroege fase is afgenomen. Seed-deals (van 1 tot 4 miljoen euro) bleven daarentegen relatief stabiel en vormen opnieuw de grootste categorie: 41,4 procent van alle deals in het kwartaal, tegenover 38 procent een jaar eerder.
Tegelijkertijd vertegenwoordigen seed-deals slechts 3,5 procent van het totaal geïnvesteerde bedrag. Het kapitaal concentreert zich dus opnieuw sterk in latere fases. Series B+ deals (vanaf 15 miljoen euro) zijn goed voor 25,9% van het aantal deals, maar voor 90,7% van het geïnvesteerde bedrag.
In vergelijking met hetzelfde kwartaal vorig jaar nam het aantal Series A-deals (van €4 tot €15 miljoen) af, van 17 in Q2 2025 naar 12 in Q2 2026. Het aantal Series B+-deals steeg juist, van 12 naar 15. Daarmee zet de trend door waarin een groter deel van het kapitaal naar latere fase-bedrijven gaat.
- Nearfield – $380 miljoen
- General Intuition – $320 miljoen
- QuantWare – $178 miljoen
- Eye Security – €60 miljoen
- Onward – €40,6 miljoen
- TargED – €40,4 miljoen
- eyeo – €40 miljoen
- Leyden Labs – €40 miljoen
- Volta Energy – €38 miljoen
- TIBEAY Bioscience – €35 miljoen
*) geïnvesteerde bedragen in originele valuta
Zichtbaar maken wat de klant is vergeten
Duitse DSA-coördinator treedt op tegen eBay vanwege mogelijke overtredingen
Volgens de Duitse coördinator voor de handhaving van de Digital Services Act (DSA), die is ondergebracht bij de Bundesnetzagentur, houdt online marktplaats eBay zich niet aan belangrijke bepalingen van de Europese wet.
Sinds begin januari 2026 heeft de Duitse toezichthouder signalen over mogelijke overtredingen onderzocht. Voorlopig is de conclusie dat eBay.de de regels van de Digital Services Act schendt. Dat maakte de toezichthouder maandagochtend bekend.
Volgens de toezichthouder is het niet mogelijk om op de juiste manier melding te maken van inhoud op het platform, met name via de desktopversie van de website. De Digital Services Act schrijft voor dat gebruikers altijd snel en eenvoudig melding moeten kunnen doen van mogelijk illegale inhoud.
Ook zou eBay zich bij maatregelen tegen gebruikers niet aan de DSA-regels hebben gehouden. Wanneer een platform bijvoorbeeld een gebruiker blokkeert of een account beperkt, moet het duidelijk en ondubbelzinnig uitleggen waarom die maatregel is genomen. Op basis van die informatie moeten gebruikers bezwaar kunnen maken als zij menen dat de beslissing onterecht is. Volgens de Digital Services Act beschermt deze verplichting gebruikers niet alleen tegen elkaar, maar ook tegen onterechte of buitensporige maatregelen van platforms.
De derde beschuldiging heeft betrekking op de informatie over verkopers. Om fraude te voorkomen moeten verkopers en hun contactgegevens duidelijk zichtbaar zijn. “Deze verplichte informatie is op eBay niet eenvoudig en gebruiksvriendelijk te raadplegen”, aldus de Duitse DSA-coördinator.
eBay is het niet eens met de conclusies van de toezichthouder. ‘Wij staan hierover in nauw en constructief overleg met de Bundesnetzagentur en zullen die dialoog tijdens de verdere procedure voortzetten”, laat een woordvoerder van het bedrijf desgevraagd weten. “eBay neemt zijn verplichtingen uit de Digital Services Act zeer serieus en is van mening dat het de wettelijke vereisten zorgvuldig heeft nageleefd,’ laat het bedrijf weten tegen Heise.
De Duitse Digital Services Coordinator is verantwoordelijk voor het toezicht op eBay, omdat het Amerikaanse bedrijf zijn Europese hoofdkantoor in Duitsland heeft en minder dan 45 miljoen maandelijkse gebruikers in de Europese Unie telt. Het bedrijf, dat ooit begon als een online veilingplatform voor particuliere verkopers en kopers, richt zich tegenwoordig vooral op professionele verkopers die hun producten aan consumenten aanbieden.
Apple blokkeert Russische berichtendienst; Rusland raadt burgers aan over te stappen op Android
Apple heeft de Russische berichtenapp Max uit de App Store verwijderd. De app is ontwikkeld door het Russische technologiebedrijf VK, waarvan de top onder westerse sancties valt. Volgens Apple is de verwijdering een gevolg van deze sancties.
De Russische overheid ziet Max als de nationale berichtendiendst en wil dat deze WhatsApp en Telegram geleidelijk vervangt. Ambtenaren, overheidsinstellingen en andere publieke organisaties worden aangemoedigd of verplicht om de app te gebruiken. Max is bovendien bedoeld als een ‘super-app’ met niet alleen chatfuncties. De app biedt ook toegang tot overheidsdiensten, betalingen en een digitale identiteit.
Doordat de app niet meer via de App Store verkrijgbaar is, kunnen nieuwe iPhone-gebruikers Max niet installeren en bestaande gebruikers kunnen problemen ondervinden met updates en pushmeldingen. Android-gebruikers kunnen de app nog wel downloaden via Google Play of alternatieve Russische appwinkels zoals RuStore.
Als reactie heeft de Russische overheid iPhone-gebruikers die Max nodig hebben geadviseerd over te stappen op Android, omdat Android toestaat apps ook buiten de officiële appwinkel te installeren. Daarmee is het platform minder afhankelijk van de keuzes van Google of Apple.
Foto Max Avans (cc)
Nederlandse bedrijven hebben amper uitwijk bij uitval datacenter
Hooguit 10 tot 15 procent van de ruim vijfhonderd klanten van managed hostingbedrijf Proserve beschikt over volwaardige disaster recovery: een realtime uitwijk naar een tweede datacenter die binnen vijftien seconden overneemt.
Dat zegt Marcel Dillingh van Proserve tijdens een Emerce Talks-sessie over vendor lock-in en cloudsoevereiniteit. Wat breder bekeken, zal dat beeld elders in Nederland niet veel anders liggen. Digitale veiligheid staat ondertussen wel op de directie-agenda’s, flexibiliteit minder. De reden volgens Dilling: de kosten.
Op serverniveau is redundantie vaak wel geregeld. Als de ene server uitvalt, neemt de ander het automatisch over. Een echt geval van nood, als in: oorlog, brand of algehele stroomuitval die een locatie helemaal uitschakelt, is nauwelijks afgedekt.
Uit dit video-interview op Emerce Talks met Dillingh (foto) en cto Ivo Jansch van Dawn Technology blijkt dat hooguit bedrijfskritische workloads goed zijn voorzien. Dat zijn dan omgevingen als een open banking-platform. Bij Proserve draaien die dan op twee gescheiden locaties.
De sessie draait om de bredere vraag: hoe afhankelijk wil je zijn van één leverancier, of dat nu een Amerikaanse hyperscaler is of een Nederlands datacenter?
Ivo Jansch pleit ervoor om gereedheid voor migratie vanaf dag één in te bouwen. Wie zijn architectuur cloudagnostisch ontwerpt, hoeft daar volgens hem niet per se meer voor te betalen. Achteraf ontvlechten is een ander verhaal. Zeker wie diep in een microservices-landschap zit, is maanden bezig om applicaties los te weken van hun omgeving. Jansch signaleerde ook een mentaliteitskwestie: bedrijven zijn gewend geraakt aan hyperscalers die alles uit handen nemen. De geopolitieke spanningen en recente lokale incidenten, zoals een datacenterbrand in Almere dwingen tot bezinning.
Over Europese alternatieven zijn de sprekers genuanceerd. Het Franse Scaleway, het Duitse Stackit en Nederlandse private clouds bieden een fractie van de circa 284 diensten die AWS in de etalage heeft. Maar dat is volgens Jansch de verkeerde maatstaf. “Het is niet de vraag of Europese aanbieders minder kunnen, maar of ze genoeg kunnen. Voor een webshop of een gemiddelde gemeente is het antwoord: ja, prima.” In de kern gaat soevereiniteit bovendien om twee dingen: waar data liggen en op welke servers applicaties draaien.
Tafelgast Hans Voorn, ervaren marketing- en e-commercedirecteur, daarover: “Ik gok een gemiddelde gemeente, ook al is die groot, die heeft een beetje compute, een beetje opslag en that’s it.”
Opvallend was ook zijn de relativering over de Amerikaanse Cloud Act. Deze kan de Amerikaanse overheid toegang kan geven tot data bij Amerikaanse cloudaanbieders. “Eigenlijk is het niet echt een probleem. Het is een verzonnen probleem.” En over datasoevereiniteit: “Als je bij een migratie betaalt voor soevereiniteit, betaal je dus extra om daar weer weg te kunnen.”
Trustpilot wordt reviewpartner van Shopify
Trustpilot is een strategisch partnerschap aangegaan met Shopify en wordt daarmee een grote datapartner voor reviews binnen het e-commerceplatform.
Via een vernieuwde app in de Shopify App Store kunnen webwinkeliers hun winkel voortaan rechtstreeks koppelen aan het reviewplatform. Dat stroomlijnt het proces van verzamelen, beheren en bekijken van recensies.
De samenwerking speelt ook in nieuwe dynamieken in e-commerce door de opkomst van AI. Door deze nieuwe technologie is makkelijker om een webshop te beginnen. Het gevolg is dat er veel webshops bijkomen en de consument lastig kan zien welke winkel betrouwbaar is en welke een vluchtige gelegenheidsshop.
Daar komt bij dat consumenten steeds vaker niet meer zelf via Google zoeken, maar een AI-assistent hulp vragen. Die AI moet dat antwoord ergens op baseren en gebruikt daarvoor onder meer reviewdata van platformen als Trustpilot. Een webshop met veel goede reviews heeft meer kans om door zo’n AI aanbevolen te worden.
Yellowgrape neemt Markant Internet over
E-commercebureau Yellowgrape neemt Markant Internet over, specialist in SEO, SEA en linkbuilding uit Hengelo. Met de acquisitie, die afgelopen vrijdag werd beklonken, haalt het Amsterdamse bureau in één klap zo’n twintig searchspecialisten binnen en opent het zijn derde vestiging, naast Amsterdam en Berlijn.
Over het overnamebedrag doen beide partijen geen uitspraken.
Het is de tweede overname van Yellowgrape, twee jaar na de acquisitie van het Berlijnse Fingerspitzengefühl. Waar die stap vooral geografische expansie bracht, draait het nu om diepgang in organische vindbaarheid.
“Organische vindbaarheid wordt het groeikanaal van het AI-tijdperk, maar de spelregels worden opnieuw geschreven”, zegt mede-oprichter Johan Smits in een vraaggesprek met Emerce. Zijn compagnon Rik van den Wijngaard: “We merken een explosieve vraag naar vindbaarheid onder onze klanten.” Het Amsterdamse bedrijf voert een behouden buy or build-strategie. Vanuit die optiek lanceerde het onder eigen vlag de AI-specialist Brainvine, nu Sero geheten.
Zoekverkeer verschuift van Google naar AI-assistenten, en wie in die taalmodellen niet opduikt, verdwijnt uit beeld bij een groeiend deel van de consumenten. Andere SEO-experts gooien de discussie over boeg van zíchtbaarheid versus vindbaarheid. In beide gevallen ligt er een nieuwe, of eigenlijk heel oude, searchstrategie aan ten grondslag. Linkbuilding in SEO.
Smits over hoe de searchwereld van webwinkels verandert: “Impressies blijven op niveau, maar het doorklikverkeer loopt terug. Merken worden nog wel getoond, alleen steeds vaker binnen een AI-antwoord in plaats van als blauwe link.” Die blauwe in een AI-antwoord wordt in slechts een procent van de gevallen nog aangeklikt.
In dit speelveld, dat in jargon ook wel GEO of LLM-findability wordt genoemd, wint volgens de ondernemer vooral PR-gedreven linkbuilding aan waarde. Dat is een specifiek domein van SEO: vermeldingen op gezaghebbende plekken die taalmodellen als betrouwbaar signaal oppikken. “Die capaciteit hadden we niet, en nu wel.”
Met de overname van Markant Internet voegt Yellowgrape twintig nieuwe medewerkers toe, wat het team over de drie vestigingen doet groeien tot 75. Voor het einde van het jaar moet de transitie van Markant Internet naar Yellowgrape zijn afgerond. De oude naam waaronder het bedrijf in de regio bekendheid opbouwde verdwijnt.
De belangstelling voor Markant kwam overigens niet alleen uit Amsterdam. Meerdere partijen meldden zich, zegt Smits, maar de Hengeloërs vonden Yellowgrape het beste passen. Oprichter Olijslager draagt zijn bedrijf volledig over en sluit daarmee zelf dit hoofdstuk af. De operationele leiding blijft in handen van Olaf Peters.
Chinese bezorgdienst Meituan opensourcet eigen AI-model
Meituan, op hoog niveau een soort Prosus in China, publiceert de broncode van zijn zelf ontwikkeld multimodale, agentic AI-model.
Dat betekent niet direct dat ChatGPT, Gemini en Claude zich zorgen moeten gaan maken. Althans, waar het draait om de AI zoals consumenten die gebruiken. LongCat-2.0 richt zich voornamelijk op softwareontwikkelaar, zowel in het Chinees als ook Engeland. Andere talen worden ook ondersteund.
Kortom, de nieuwigheid richt zich simpel gezegd meer op Claude Code en OpenAI Codex.
Het opmerkelijke aan deze ontwikkeling is tweeledig. Allereerst het feit dat er weer een open-sourcemodel verschijnt van Chinese bodem. De grote Amerikanen kiezen voor closedsource, Chinese voor open source en open weights. In theorie leidt dat tot meer waardecreatie in de context van zo’n Chinees ecosysteem, omdát iedereen met dezelfde code werkt en zich met andere zaken moet onderscheiden op de markt.
Daarnaast is ook opmerkelijk dat een e-commercebedrijf een eigen multimodaal agentic mode uitbrengt. Het is ongeveer alsof Prosus de broncode van zijn AI-tool Toqan publiceert voor iedereen om te gebruiken.
Meituan is een Chinees technologiebedrijf dat een superapp exploiteert voor lokale diensten, met als kernactiviteit maaltijdbezorging, maar ook boodschappenbezorging, hotelboekingen en andere on-demand diensten. Het bedrijf is de grootste speler in de Chinese fooddeliverymarkt.
Het beursgenoteerde bedrijf is actief in China, Hong Kong, Singapore, Thailand en Maleisië. Twee jaar geleden speelden ze met de gedachte uit te breiden naar Europa, maar het is niet bekend hoe serieus die overwegingen nu zijn.
Meituan heeft op LongCat gebaseerde modellen reeds in zijn app geïmplementeerd ter ondersteuning van klantenservice- en digitale interactiesystemen achter de schermen (agentic).
